browser icon
You are using an insecure version of your web browser. Please update your browser!
Using an outdated browser makes your computer unsafe. For a safer, faster, more enjoyable user experience, please update your browser today or try a newer browser.

Gambia, Friday 23 March 2018

Posted by on 22 juni 2018

We hebben een paar dagen doorgebracht in Janjanbureh, de voormalige hoofdstad van Gambia. Verder kunnen we niet ivm laaghangende hoogspanningskabels over de rivier. Wel jammer eigenlijk want verderop zouden we schildpadden en Manatees (zoetwater zeekoeien) hebben kunnen zien. Op de wal werden we  opgewacht door een groepje jongens die ons wel wilden rondleiden. Onze keus viel op een net uitziende en goed engels sprekende jongen genaamd Modou. Die heeft ons die dagen wegwijs gemaakt en locaties laten zien zoals de oude slavenmarkt. Wie meer woog dan 50 kg kon naar de boot om naar James island of Goree island vervoerd te worden, wie weerstand bood werd eerst in een groot gebouw met het hoofd naar beneden opgehangen om de weerstand te breken. We hebben ook nog de vrijheids-boom bezocht welke niet meer de originele was maar herplant. Het verhaal gaat dat toen de slavernij was afgeschaft dit nog niet overal werd nagestreeft, er was nog steeds een handel in illegale slaven. Maar de vrije slaven die de boom hebben kunnen omhelzen kregen een brandmerk als registratie en waren vanaf dat moment vrij. We hebben een kleine donatie gedaan en onze naam in een schrift geschreven om de herinnering levend te houden. Zoals de beheerder daar zo mooi zei, we kunnen het verleden wel vergeven maar mogen het nooit vergeten.

In Janjanbureh hebben we de plaatselijke middenstand een flinke boost gegeven. We hebben flink wat drinkwater in flessen ingekocht en de markt afgestruind. Zo zijn we ook 2 x uit eten geweest. Dat is een verhaal apart. Als je vanaf de pont linksaf de hoofdstraat op loopt is er aan de rechterkant naast het politiebureau een optrekje genaamd Sunrise and Sunset restaurant, het is niet meer dan een terrasje waarop rechts een tafel en 4 stoelen past en links is de open keuken met houtskoolvuur. Dan hebben ze ook nog binnen met een lange tafel maar dat leek ons veel te warm. Er was ons al verteld dat het ongeveer 2 uur zou duren dus ons zelf neer gevleid met een pot bier om de bestelling af te wachten. Er was ons koud bier beloofd, dat viel helaas tegen en met elk volgend bier werd het steeds warmer. Het vergaf er van de vliegen maar daar zijn we inmiddels aan gewend. We hadden alle vier rijst met kip besteld en de kip werd eerst gekookt, dat was bemoedigend, we wilden niet teveel naar de keuken kijken want dat ontmoedigde alleen maar. Het vuur werd opgestookt en het begon warempel lekker te ruiken. Er werd een staande ventilator opgetuigd maar een stekker hadden ze niet dus met wat geklooi werden de draadjes zo in de stekkerdoos geduwd. De baas deed het zelf niet want zijn functie is te belangrijk. Er werd ook nog een extra lampje opgetuigd want het was inmiddels donker geworden en ook deze moest worden verhangen maar zelf durfde hij dat niet aan. Zelf kookte hij met een zaklamp en de vliegen werden gelukkig al minder maar nu kwamen de muggen, maar we hadden Deet mee dus wat deerde ons. Het is zo’n beetje een familiebedrijfje want de vrouw liep rond met baby, buiten zaten wat jongens en die hadden de uien schoongemaakt en onderhielden ook de baby. Na zo’n 2 uurtjes en ettelijke, veel te lauwe, biertjes werd de tafel gedekt en warempel, ieder van ons kreeg een flink bord met rijst, kippenpoot en salade wat overigens ook nog heerlijk smaakte. En dat omgerekend voor 5 euro pp. Niet alles werd opgegeten, het was gewoon teveel. We maakten ons nog wel zorgen om de volgende ochtend maar niemand heeft er last van gehad. Er stopte elk kwartier wel een busje, met het dak hoog opgestapeld met dozen en zakken, waaruit de bestemming werd geroepen en we zagen telkens wat mensen in of uit stappen. Gisteren hebben we in Janjanbureh lodge gegeten waar het eerste biertje veelbelovend lekker koud was maar de tweede, en de rest, helaas alweer bedroevend lauw. Mede omdat er een Piroque met internationaal gezelschap had aangelegd om daar de nacht door te brengen, voordeel was wel dat we ditmaal niet lang op het eten hoefden te wachten want er was al op zo’n groot gezelschap gerekend. Ditmaal aten we een buffet met rijst, couscous, spaghetti, rode saus, rundvlees, pindasaus en salade. Het koste meer geld maar smaakte niet zo bijzonder en hadden het idee dat het wat westers was aangepast. We hadden de dinghy verplaatst naar de eigen aanlegsteiger van de Lodge nadat we het eerst te voet hadden verkend onder begeleiding van zo’n 7 jongens, over een lang en stoffig zandpad. Zelf hadden we het nooit gevonden en tot het allerlaatste moment leek het zelfs niet eens bewoond. Er stond ook niets aangegeven en even dachten we dat we ontvoerd en overvallen zouden worden, LOL. Het bootritje terug over de rivier al slalommend tussen de drijfnetten van de vissertjes was ook al leuk.

We hebben weer wat ballen gedoneerd aan de plaatselijke jeugd, ballen zijn nog steeds erg in trek, maar dat komt ook door de kwaliteit ballen die je kan kopen, gewoon plastic, en natuurlijk zo kapot getrapt door het enthousiasme. Er heerst een gezonde concurrentie tussen de Noord en de Zuid oever en beiden zijn nu een bal rijker om te kunnen oefenen.

Telkens als we naar de wal gingen legden we de dinghy naast de kleine veerbootjes vast aan een tak. Iemand ontfermde zich dan over de dinghy en bleef keurig wachten. Zo kwamen we eens in het pikkedonker terug, we hadden zelf geen zaklamp mee, en overal werden we bij geschenen, bij de boot ook twee jongens en die vertelden dat ze op de boot hadden gepast. Tot mijn opluchting was alles ook nog in dezelfde staat als toen we weggingen en dat was wel 50 Dalasi waard (50 Dalasi is 1 euro). Nu denk je wat weinig maar je moet weten dat het gemiddelde inkomen van de Gambiaan zo rond de 300 euro per jaar is. Dus voor die paar uurtjes wachten niet slecht verdiend. Nu hebben wij genoeg gedoneerd want hebben gezamenlijk ook een baal rijst voor de moeder van Modou gekocht, zijn ontbijt en drankjes, de ballen, centen voor schriften voorandere jongens, pennen, ed, ed. Het blijft natuurlijk weinig in onze begrippen maar in hun begrippen is het veel en ze toonden ook elke keer dankbaarheid.   Schoolmateriaal is hier erg in trek dus als iemand naar Gambia wilt, schoolmateriaal en ballen zijn geliefd.

We hebben water aangevuld met de 5 liter flessen uit Las Palmas, die zijn hier niet te krijgen, enkel anderhalve liter flessen. Lege flessen zijn zeer in trek want worden voor van alles hergebruikt. Er zijn vrije tappunten verdeeld over de stad en water is gratis. Als er geen water is drinken ze zelf uit de rivier. In de rivier wordt ook de was gedaan en de locatie schijnt niet zo belangrijk te zijn want bij het landingspunt van de ferry wordt ook gewassen terwijl de oever bezaaid is met troep, plastic en zelfs pampers. We doen de was zelf wel! De ferry schijnt in Nederland gebouwd te zijn en er passen 2 auto’s op of 1 vrachtwagen en motoren en mensen. Naar de overkant kost 10 Dalasi pp en de kleine stalen ferry bootjes met gammele buitenboordmotor die je ook naar de overkant kunnen brengen kosten 5 Dalasi pp. Die wachten tot ze vol zitten en daar gaan toch wel zo’n 20 tot 30 man in. Die jongens toonden uitermate veel belangstelling voor onze buitenboordmotoren en vroegen of we ze niet konden missen. Of dat we misschien extra buitenboordmotoren mee hadden. Dan zeg je nee maar heb er wel 1 reserve aan het hek hangen en dan voel je je toch een beetje schuldig, in ieder geval luxe, en het zijn hier maakt je toch wel nederig als je ziet waar ze het hier mee moeten doen. En toch blijven ze uitermate vriendelijk en zien er goed verzorgd uit, zeker de vrouwen met prachtige gewaden.

Nu liggen we bij Baboon island ten anker en wachten op de Rangers van het National Parc voor een rondleiding op het eiland. Hier zitten opnieuw uitgezette Chimpansees. Toen we vanmorgen opstonden dachten we aan mist maar het is de bekende Harmatan, de zandstorm die dagen aan kan houden en het zicht ontneemt.  Gisteren varend hier naartoe hebben we nog een nijlpaard gezien op een ondiepte in de rivier, hij zat daar mooi tussen een gestrande boom en nu konden we het dier beter bekijken als alleen zijn kop. Het blijven imposante dieren en veroorzaken de meeste doden in Afrika vanwege hun sterke territoriumdrift, behoudens de malariamug dan.

Ik heb de hengel weer uit met een kunstvisje maar tot nu geen resultaat, wel gehoord dat hier ook de tijgervis zit en die moet smaakvol zijn maar we zien op de markt alleen maar klein grut. We blijven volharden.

Comments are closed.